
3
NL
M1.1.TZLI30M-TZLI30MRT.NLFREN - 12022019
• Vermijd gevaarlijke omgevingen. Gebruik geen elektrisch gereedschap in vochtige ruimtes en stel het niet bloot aan regen.
Zorg voor een geschikte en goed verlichte werkruimte.
• Draag geschikt kleding. Draag geen losse kleding, handschoenen, stropdassen of sieraden (ring, horloge), omdat deze
in bewegende delen kunnen vast komen te zitten. Draag antislipschoenen. Bind lang haar samen. Rol de lange mouwen
boven de elleboog.
• Draag een veiligheidsbril. Een gewone bril is alleen schokbestendig maar geen veiligheidsbril. Draag ook een stofmasker
als uw werk stof produceert.
• Draag een gehoorbescherming bij het bedienen van lawaaierige machines. Langdurige blootstelling aan geluid zonder
bescherming kan leiden tot permanente gehoorverlies.
• De beschermingen en afdekkingen verminderen het risico van onbedoeld contact met bewegende of rondvliegende delen.
Maak zeker dat ze goed geïnstalleerd zijn, niet beschadigd en dat ze goed werken voordat u de machine gebruikt.
• Maak er een gewoon van om te controleren dat alle sleutels van de machine zijn verwijderd voordat u de machine
inschakelt.
• Zorg altijd voor een stabiele positie en een goede balans tijdens het werk. Vermijd onhandige handposities die het moeilijk
maken om het werkstuk onder controle te houden of het risico op onopzettelijke letsel te vergroten.
• Onderhoud het gereedschap zorgvuldig. Houd de gereedschappen schoon en scherp voor veilige prestaties. Volg de
instructies om de accessoires te smeren en te vervangen.
• Vermijd onbedoeld opstarten. Maak zeker dat de schakelaar op “Uit” staat voor het aansluiten van de machine.
• Gebruik het geschikt gereedschap. Forceer het apparaat of de accessoires niet voor werkzaamheden waarvoor ze niet
ontworpen zijn.
• Gebruik aanbevolen accessoires. Raadpleeg de handleiding voor de aanbevolen accessoires en volg de instructies van de
fabrikant. Het gebruik van ongeschikte accessoires kan naar gevaren leiden.
• Klim nooit op de machine. Gevaar voor zware letsels bij kantelen van de machine.
• Controleer voor ieder gebruik van de machine de goede werking van de beschermingen en andere onderdelen. Controleer
of de bewegende delen goed uitgelijnd zijn, of er geen gebroken onderdelen zijn, of alle onderdelen goed gemonteerd
en in goede staat zijn alvorens de machine te gebruiken. Beschadigde beschermingen of andere onderdelen moeten
gerepareerd of vervangen worden.
• Laat de machine nooit onbeheerd draaien. Zet de schakelaar op “Uit”. Verlaat het werkgebied niet totdat de machine
volledig tot stilstand gekomen is.
Specieke veiligheidsvoorschriften voor tafelzagen
• Gebruik altijd een bescherming, een spouwmes en een terugslagvinger voor alle “doorzagen” operaties. Doosteekzagen
zijn de handelingen waarbij het zaagblad volledig door het werkstuk snijdt, zoals bij langssneden of dwarssneden.
• Houd het werkstuk altijd stevig vast tegen de verstekgeleider of langsgeleider.
• Gebruik altijd een duwstok op smalle stukken te zagen. Raadpleeg de instructies voor langssneden.
• Gebruik altijd de langsgeleider of verstekgeleider om het werkstuk te plaatsen en te geleiden.
• Sta nooit of laat nooit een deel van uw lichaam in lijn met het pad van het zaagblad.
• Reik nooit achter of onder het snijgereedschap, om welke reden dan ook.
• Verwijder de langsgeleider voor dwarssneden.
• Bij het snijden van sierlijsten mag het werkstuk nooit tussen de langsgeleider en de snijkop geleid worden. Raadpleeg de
instructies in de handleiding van het toebehoren voor het snijden van sierlijsten.
• Voedingsrichting. Voer het werkstuk naar het zaagblad in tegen de draairichting ervan.
• Gebruik de langsgeleider nooit als lengteaanslag bij het uitvoeren van dwarssneden.
• Probeer nooit een vastzittend zaagblad los te maken zonder eerst de machine uit te schakelen.
• Zorg voor een geschikte ondersteuning aan de achterkant en zijkanten van de zaag voor lange of brede werkstukken.
• Vermijd terugslagen (werkstuk naar u toe geprojecteerd) door het zaagblad scherp te houden, de langsgeleider parallel
aan het zaagblad, het spouwmes, de terugslagvinger en de beschermkap goed op hun plaats te houden, door het
werkstuk niet los te laten zolang het niet volledig achter het zaagblad gepasseerd is, en door geen langssneden te maken
van een verdraaid of vervormd werkstuk, of zonder rechte rand om tegen de langsgeleider te geleiden.
• Vermijd delicate handelingen en de handposities waarbij een plotselinge verschuiving ertoe kan leiden dat de hand naar
het roterende zaagblad toe beweegt.
• Bescherm uzelf tegen terugslag. Zelfs als u weet hoe een terugslag te vermijden, kan dat toch gebeuren. Hier zijn enkele
tips om uzelf te beschermen in het geval van een terugslag van het werkstuk:
- Blijf aan de zijkant van het zaagblad tijdens het werk. Als er een terugslag optreedt, wordt het meestal direct in de
richting van het zaagblad geprojecteerd.
- Draag een veiligheidsbril of een vizier. Als er een terugslag optreedt, zijn uw ogen en gezicht de meest kwetsbare
delen van uw lichaam.
- Plaats om welke reden dan ook nooit uw hand achter het zaagblad. Als er een terugslag optreedt, wordt uw hand in
het zaagblad getrokken worden, wat een amputatie tot gevolg kan hebben.
copyrighted document - all rights reserved by FBC